Karolien Debecker (VRT) hoopt via interactief programma meer jongeren aan bod te laten komen in de media

Jongeren hebben vaak vernieuwende ideeën

Na zeven jaar jongerenradio met ‘Generation M’ trok Karolien Debecker de deur van MNM achter zich dicht en begon ze aan een nieuw avontuur op Radio 1, ‘Bij Debecker’. “Het is een interactief programma waarmee we luisteraars een platform willen bieden. Maar ik hoop dat we ook nog geregeld jongeren kunnen laten horen, want zij komen in de media te weinig aan bod.”


Je hebt jarenlang programma’s voor jongeren gemaakt, op tv en radio. Vanwaar die interesse in de jeugd?

Debecker: “Ik vind de wereld van jongeren heel fascinerend. Ze hebben hun eigen media en hun eigen – vaak afwijkende – gedachten. Volwassenen kunnen die soms moeilijk vatten, maar ik vind dat net heel boeiend. Jongeren hebben vaak heel vernieuwende ideeën. En dan is er nog die tomeloze energie van de jeugd: het gaat vooruit en er wordt veel gelachen. Helaas worden jongeren veel te weinig gehoord. Er wordt veel óver hen gepraat, maar je hoort hen amper zelf aan het woord. Wel als het over fuiven en drank gaat, of om plaatjes aan te vragen, maar niet over inhoudelijke thema’s. Terwijl die doelgroep het vaak heel moeilijk heeft. Het zijn verwarrende tijden voor jonge gasten.”

Hoe heb jij het vertrouwen van jonge luisteraars kunnen winnen?

Debecker: “Ik heb altijd geprobeerd om hen niet te betuttelen en hen met humor uit hun kot te lokken. En ik heb hen altijd met respect behandeld: als iemand belde met een mening, hoe bizar ook, lachte ik daar nooit mee. Jongeren moeten zich veilig voelen, want ze voelen sowieso al veel schaamte. Pas op, dat vertrouwen is niet vanzelf gekomen. In het begin van Generation M kostte het soms wel wat tijd om jongeren te overtuigen om hun verhaal te doen. Maar hoe meer jongeren naar de studio kwamen, hoe makkelijker het werd. Als je iemand hoort die jouw taal spreekt, ben je sneller geneigd om ook je verhaal te doen.”

Als iemand belde met een mening, hoe bizar ook, lachte ik daar nooit mee. Jongeren moeten zich veilig voelen

Generation M bereikt veel allochtone jongeren. Waarom slagen veel andere media daar niet in?

Debecker: “Onze media zijn heel blank, waardoor de gevoeligheden en passies van veel jongeren gewoon niet aan bod komen. Bij MNM zijn we daar deels wél in geslaagd, al blijft het een work in progress. We draaien nu veel meer urban muziek in plaats van gitaren. En we proberen gewoon zoveel mogelijk mensen met andere roots aan het woord te laten. Bij het Generation M-team hebben we ook altijd gestreefd naar diversiteit.”

Bereikten jullie ook kwetsbare jongeren, uit voorzieningen bijvoorbeeld?

Debecker: “Ja, maar om hen te beschermen, mogen we hen niet op de radio laten getuigen. Al delen we soms wel anoniem hun verhaal. We zochten ook vaak kwetsbare jongeren om hun verhaal te doen, maar dat is niet eenvoudig. De schaamte is groot. Soms hadden we een heel eerlijk voorgesprek, over armoede bijvoorbeeld, en stelde zo’n jongere dat dan op de radio veel positiever voor.”

En jongeren met een beperking?

Debecker: “Absoluut, we haalden hen regelmatig naar de studio. Het is heel belangrijk om elke jongere een platform te geven. Iedereen die afwijkt van de norm moet een plaats krijgen bij Generation M. Maar geldt dat niet voor elke jongere? Dat is net wat we wilden tonen: je màg anders zijn.”

Zelf vocht je als jonge vrouw meermaals tegen kanker en verloor je een been. Vond jij toen de weg naar hulp?

Debecker: “Vanuit het revalidatiecentrum moest ik verplicht naar een psycholoog: vreselijk. Ik was daar toen absoluut niet klaar voor. Ik had al mijn energie nodig voor mijn herstel en ik wilde die etterende wonde niet opensnijden. Na één sessie ben ik ermee gestopt. Pas jaren later heb ik opnieuw psychologische hulp gezocht.”

We zochten ook vaak kwetsbare jongeren om hun verhaal te doen op de radio, maar dat is niet eenvoudig. De schaamte is groot

Is het taboe rond psychologische hulp kleiner bij jongeren?

Debecker: “Ik denk het wel. Op Twitter en Instagram leeft nu een enorme exposure-cultuur: het lijkt wel of elk taboe op de schop moet. Soms heel onbeholpen en onzeker, maar dat stemt me wel hoopvol. Anderzijds kun je je de vraag stellen: is het nodig om zoveel nadruk te leggen op body positivity? Want daardoor benadruk je natuurlijk dat afwijkingen toch een probleem zijn. Hopelijk hoeven we het daar op een dag gewoon niet meer over te hebben.”

Soms kwamen in je programma ook harde meningen aan bod. Had je het daar moeilijk mee?

Debecker: “Nee, want een afwijkende mening is ook een mening. Het zou jammer zijn als we alleen politiek correcte meningen zouden horen, want dat is geen weergave van de maatschappij. Bovendien: als er plat racisme wordt verkondigd op de radio, zijn er altijd genoeg luisteraars die klaarstaan om een reactie te geven.”

Voelen jongeren zich nog ongeremder om hun verhaal te doen?

Debecker: “Toen we begonnen met Generation M had bijna niemand een smartphone. Toen kregen we vaak hele straffe verhalen binnen. Een jongen die vertelde dat hij nog bedplaste. Of een meisje dat in tranen uitbarstte op de radio. Maar sinds de komst van sociale media zijn luisteraars veel geremder. Zo’n radiogesprek kan je voor altijd blijven achtervolgen en iedereen vindt je meteen op Facebook of Instagram. De kwetsbaarheid raakte een beetje zoek.”

Sinds de komst van sociale media zijn luisteraars veel geremder. Zo’n radiogesprek kan je voor altijd blijven achtervolgen en iedereen vindt je meteen op Facebook of Instagram

Het cliché wil dat onze jeugd ongeïnteresseerd en materialistisch is.

Debecker: “Ze zijn wél geïnteresseerd, maar in andere thema’s dan wij vroeger. En individualistisch… deels natuurlijk wel. Maar tegelijk zijn ze online ook heel verbonden. Waar vroeger iedereen op straat ging betogen, zie je nu allerlei acties op sociale media, onder de radar van volwassenen.”

Waar liggen jongeren vandaag van wakker?

Debecker: “Sociale media leven natuurlijk heel erg, en dan vooral de impact op hun zelfbeeld. Ook pestgedrag is sterk toegenomen. Net als de enorme druk vanuit de maatschappij. Bovendien hoor ik veel jongeren klagen over ons onderwijssysteem, dat niet inspirerend genoeg is. Maar ze liggen natuurlijk ook wakker van de ‘grote thema’s’ als klimaat en tolerantie.”

Onze jongeren zijn de toekomst. Stemt jou dat optimistisch of pessimistisch?

Debecker: “Beide. Jongeren worden alsmaar slimmer. Oké, ze kunnen misschien minder goed correcte zinnen schrijven dan 50 jaar geleden, en dat is een spijtige zaak. Maar tegelijk zijn ze heel clever. Ze zitten zo dicht bij alle informatie. Al merk ik wel dat ze moeilijker in de diepte kunnen gaan, omdat ze zo gewend zijn aan snelle impulsen. Maar elke stroom kent een tegenstroom. Ik hoop dat er weer een soort traagheid zal ontstaan bij de nieuwe generatie, een protest tegen de snelle technologische vooruitgang.”

In 2005 maakte je voor tv-zender JIM shOut!, het eerste holebiprogramma. Hoe blik je daarop terug?

Debecker: “Dat was een cadeau: ik mocht een reeks maken van elf afleveringen over een thema dat daarvoor onzichtbaar was gebleven. Alles in de media was hetero en ineens mochten wij heel expliciet al die vragen aansnijden: hoe doe je een coming out, waar kun je uitgaan, hoe gaan ouders ermee om, welke soorten liefde bestaan er…”

Stoere vrouwen worden in de media amper aanvaard. Ik merk dat heel wat lesbische collega’s zich daardoor vrouwelijker voordoen dan ze eigenlijk willen

Zou er dertien jaar later nog nood zijn aan zo’n programma?

Debecker: “Gelukkig is het al normaler en meer aanvaard om gay te zijn. Maar toch zie ik nog veel jongeren die ermee worstelen. Vaak in de eerste plaats met zichzelf: ze willen niet afwijken van de norm. Gay blijft ook een van de meest gebruikte scheldwoorden. En er zijn nog zoveel vragen en misverstanden. Over gay ouderschap bijvoorbeeld. Of over biseksualiteit. Daarom is het zo belangrijk om erover te blijven praten. Tien procent van onze jongeren is gay, dat zijn er heel veel.”

In Van Gils en Gasten vertelde je over het tekort aan lesbische rolmodellen. Hoe verklaar jij dat?

Debecker: “Ik heb geen idee. In de media zie je zoveel gay mannen, maar amper vrouwen. Ik vermoed dat homomannen zich misschien wat meer aangetrokken voelen tot de media. Al komen ze vaak in een soort karikatuur terecht. Ze moeten lachen met hun eigen geaardheid om aanvaard te worden. Van vrouwen wordt dan weer vooral verwacht dat ze schattig, lief en begeerlijk zijn. Stoere vrouwen worden in de media amper aanvaard. Ik merk dat heel wat lesbische collega’s zich daardoor vrouwelijker voordoen dan ze eigenlijk willen. Heel jammer.”

Wat kan de overheid nog doen voor holebi-jongeren?

Debecker: “Wat Theo Francken onlangs tweette over mannen in vrouwenkleren, dat noem ik pure onwetendheid. We moeten alert blijven dat een paar populaire politici of een populaire partij de sfeer van openheid niet doet omslaan. Maar over het algemeen blijf ik erbij dat de overheid de belangen van holebi’s goed verdedigt. En daar mogen we blij mee zijn.”

Even terug naar je voorganger op Radio 1: Jan Hautekiet beschuldigde de Vlaamse overheid van “krommunicatie”. Is heldere taal extra belangrijk voor jongeren?

Debecker: “Heldere taal is belangrijk voor iedereen. De overheid mag haar communicatie zeker aanpassen, want die is hopeloos ouderwets. Maar het ergste wat je kunt doen is jongerentaal gebruiken, of hen betuttelen. Communiceer gewoon helder, eenvoudig en beleefd.”

Ik houd mijn contactenboek van Generation M in mijn achterzak en, dus ook op Radio 1 zal je zeker nog van hen horen!

Vinden jongeren makkelijk de weg naar hulp?

Debecker: “Wij hoorden toch vaak dat het niet zo eenvoudig is om de juiste hulp te vinden. Het Vlaamse landschap is dan ook enorm versnipperd. Er zijn fantastische alternatieven, zoals Tejo bijvoorbeeld, waar jongeren snel en gratis psychologische hulp krijgen. Maar waarom is er niet één website waar jongeren in een keuzemenu kunnen aangeven waar ze mee zitten, zodat ze heel gerichte hulp kunnen krijgen? Nu is er de holebifoon, Awel, 1712… Dat kan eenvoudiger. (nvdr: ondertussen is er de overkoepelende website www.watwat.be)”

Tot slot: ga je de jongeren van Generation M missen?

Debecker: “Ja, enorm. Toen ik mijn vertrek aankondigde, waren de reacties zo mooi dat ik het toch even moeilijk had. In die zeven jaar heb ik heel wat jongeren zien opgroeien en evolueren. Hun positivisme en humor zal ik héél hard missen. Maar ik houd mijn contactenboek van Generation M in mijn achterzak en ik weet welke jongeren graag hun verhaal delen, dus ook op Radio 1 zal je zeker nog van hen horen!”


Ontdek meer interviews in het overzicht
Karolien Debecker
Bron foto: VRT

Samen kansen creëren; dat is het verhaal van de jeugdhulp in Vlaanderen. We geven kinderen,  jongeren en gezinnen een duwtje in de rug, zodat ze snel zelf verder kunnen. Ofwel bieden we, indien nodig, langdurige ondersteuning aan; op maat en met respect voor de keuzes van jongeren en hun ouders. We versterken op een positieve manier hun eigen krachten. Zo kan iedereen bij de start van zijn of haar leven volwaardig deelnemen, waarbij de samenleving er zelf ook op vooruit gaat.

Jongeren en hun ouders kunnen rechtstreeks aankloppen bij tal van diensten voor begeleiding en advies. Wie nood heeft aan meer intensieve ondersteuning, kan aangemeld worden bij de toegangspoort die de geschikte hulp toewijst. Loopt de hulp vast of wordt deze niet aanvaard? Dan kan een gemandateerde voorziening (Ondersteuningscentrum Jeugdzorg of Vertrouwenscentrum Kindermishandeling) de hulpverlening mee opvolgen of nieuwe hulp opstarten. Bij een onverwachte crisis staat een netwerk van diensten klaar. Als de hulpverlening moeilijk verloopt, kunnen overleg en bemiddeling een uitweg bieden.

De Vlaamse jeugdhulp verbindt delen van 6 administraties uit het welzijns- en onderwijslandschap, en geeft ruimte aan tal van partners binnen een breed netwerk van professionals. Jongeren en hun ouders maken structureel deel uit van het beleid. Jeugdhulp bereikt elk jaar een paar honderdduizend kinderen en jongeren in Vlaanderen. Meer info: www.jongerenwelzijn.be, www.vaph.be, www.kindengezin.be, www.departementwvg.be, www.zorgengezondheid.be, onderwijs en vorming.

Deze tekst wordt vervangen.